AutoCAD 2010 aangekondigd
Organische vormen ontwerpen
Door Jean-Pierre van Gastel
Zoals inmiddels elk jaar gebruikelijk, komen bijna alle nieuwe versies van de diverse Autodesk-producten rond maart uit. Elk nieuw product heeft als nummer 2010 en ze gaan ook steeds meer op elkaar lijken. AutoCAD 2010 maar als je goed kijkt in het Windows-register kom je vanzelf AutoCAD versie 18 tegen.
In een aantal artikelen zullen alle nieuwe mogelijkheden in AutoCAD 2010 aan bod komen. De meest belangrijke vernieuwingen zijn terug te vinden in het 3D-ontwerpen (organische vormen), parametrisch 2D-ontwerpen, 3D-printen en de vele verbeteringen op het PDF-vlak.
 Afbeelding 1. |
‘Initial Setup’
De allereerste keer dat AutoCAD 2010 wordt opgestart, komt de gebruiker in de zogenaamde ‘Initial Setup’ terecht waar hij kan kiezen in welk vakgebied hij werkzaam is. Zo kan er een keuze gemaakt worden tussen Architectuur, Civiel technisch, Electro, Mechanisch, Installatie, Constructie of Algemeen. Op basis van deze keuze worden
specifieke ‘Tool Palettes’ met de desbetreffende symbolen geladen, en kan de gebruiker kiezen voor een specifieke template of standaard ‘workspace’ waarmee hij wil starten, zie afbeelding 1. Indien de gebuiker deze stap overslaat, dan is deze later alsnog te maken via het ‘Options’-dialoogvenster in het ‘User Preferences’ -tabblad, zie afbeelding 2. In ieder geval wordt er een ‘Workspace’ aangemaakt met de naam ‘Initial Setup Workspace’. Indien de gebruiker opnieuw door de ‘Initial Setup’ gaat, kan hij bijvoorbeeld een andere keuze maken voor het desbetreffende vakgebied en deze wordt dan uiteindelijk opgeslagen in een nieuwe ‘Workspace’ genaamd ‘Initial Setup Workspace1’. Op deze wijze kan de gebruiker vervolgens razendsnel kiezen met welke omgeving hij of zij wil gaan werken. De ‘Workspaces’ een andere naam geven, zal de gebruiker echter wel moeten doen via het ‘Customize User Interface’-commando, zie afbeelding 3.
 Afbeelding 2. |
Ander bestandsformaat
AutoCAD 2010 heeft een nieuw bestandsformaat, iets dat eigenlijk al wel te verwachten was aangezien dit al geruime tijd niet meer aangepast was. De belangrijkste reden hiervan is de introductie van de organische ontwerpmogelijkheden en de nieuwe mogelijkheden om 3ds Max-modellen uit te kunnen wisselen met AutoCAD 2010 (zie artikel 3ds Max Design 2010 elders in dit blad). Uiteraard kan het DWG-bestandsformaat nog terug opslagen worden als AutoCAD 14 dwg dus dit zal voor veel gebruikers absoluut geen problemen op gaan leveren.
 Afbeelding 3. |
 Afbeelding 4. |
Ribbon
De meningen zijn er over verdeeld, maar feit is wel dat in alle Autodesk 2010-producten die ik tot nu toe heb mogen zien (3ds Max, AutoCAD en Revit) er veelvuldig gebruik gemaakt wordt van een ‘Ribbon’. Zeker voor een nieuwe gebruiker is dat absoluut de snelste methode om het programma onder de knie te krijgen. Wat in AutoCAD 2010 opvalt aan de ‘Ribbon’ is de snelheid. De verschillende tabs reageren razendsnel, nadat ze voor de eerste keer zijn ingeladen.
Wat wel voor vele AutoCAD-gebruikers wennen zal zijn, is dat het complete verticale ‘Pulldown’-menu is verdwenen uit het ‘Application Menu’ helemaal links bovenin het scherm. In AutoCAD 2010 staan hier namelijk de commando’s in om tekeningen te beginnen, te openen, te bewaren, te printen en te verzenden, zie afbeelding 4.
De ‘Ribbons’ zijn in AutoCAD 2010 veel duidelijker ingedeeld, waardoor de gebruiker niet zo snel terug zal grijpen naar de traditionele AutoCAD-omgeving. Daar komt ook nog eens bij dat een ‘Panel’ uit een ‘Ribbon’ gesleept kan worden zodat er een zogenaamd ‘Sticky Panel’ ontstaat. Zeg maar een zwevend ‘Panel’ met daarin de commando’s die de gebruiker op dat moment veel toepast. Dit zwevende ‘Panel’ blijft actief, zelfs als de gebruiker een ander ‘Panel’ actief maakt, afbeelding 5. Door gebruik te maken van het ‘Return Panels to Ribbon’-commando, worden de zwevende ‘Panels’ weer netjes teruggezet in de ‘Ribbon’. Als een gebruiker ervoor kiest om met een verticale ‘Ribbon’ te werken door deze uit zijn horizontale positie te verslepen, worden ook de namen van de verschillende tabs netjes weergegeven. Mocht er te weinig ruimte zijn in de ‘Ribbon’ dan worden de icoontjes dynamisch aangepast om het dashboard op te vullen.
Gebruikers die gaan upgraden van AutoCAD 2008 naar AutoCAD 2010, kunnen hun zelf gemaakte dashboard converteren naar nieuwe ‘Panels’ in de ‘Ribbon’. Dit kan de gebruiker doen door gebruik te maken van de ‘Transfer Tab’ in het dialoogvenster ‘Customize User Interface’ (CUI). Voor de echte Ribbon ‘Die Hards’ zijn er in AutoCAD 2010 zelfs mogelijkheden om een bepaald ‘Panel’ in een ‘Ribbon’ actief te zetten, gebaseerd op een objectselectie in de AutoCAD-tekening. Dit gedrag is op te zetten door gebruik te maken van de zogenaamde ‘Ribbon Contextual Tab State’ in het ‘Customize User Interface’-dialoogvenster. Zo kan de gebruiker er bijvoorbeeld voor kiezen dat, zodra hij een ‘Arc’ selecteert in de tekening, dan het ‘Home Panel’ actief gezet wordt. Om dit voor elkaar te krijgen, sleept hij de ‘Home-2D Ribbon’-tab naar de ‘Arc selected node’ onder de ‘Contextual Tab States’. Vervolgens kan hij instellen of het ‘Panel’ als een eigen tabblad tevoorschijn komt (‘Full’) of samengevoegd wordt met alle andere tabbladen (‘Merged’), zie afbeelding 6.
 Afbeelding 5. |
‘Quick Acces Toolbar’
De ‘Quick Acces Toolbar’, helemaal links bovenin beeld, is verder uitgebreid met functionaliteit om meer consistent te zijn met diverse Windows-applicaties. Het ‘Undo’- en ‘Redo’-commando hebben nu zoals het hoort een historielijst, en het rechtermuisknopmenu bevat nieuwe mogelijkheden om icoontjes die de gebruiker heeft toegevoegd weg te halen uit de ‘Quick Acces Toolbar’. Om het geheel wat overzichtelijker weer te geven, kan de gebruiker ook zogenaamde ‘Separators’ plaatsen tussen de diverse icoontjes en kan de ‘Quick Acces Toolbar’ ook onder de ‘Ribbon’ worden weergegeven.
Daarnaast heeft de ‘Quick Acces Toolbar’ een nieuw ‘Fly-out’-menu gekregen met daarin een overzicht van veel gebruikte commando’s in AutoCAD, zoals ‘Match Properties’, ‘Batch Plot’, ‘Plot Preview’, ‘Properties’, ‘Sheet Set Manager’ en ‘Render’. Deze commando’s kan de gebruiker direct toevoegen aan de ‘Quick Acces Toolbar’ door hier op te klikken. Nog een stapje verder is de mogelijkheid om diverse ‘Quick Acces Toolbars’ zelf te maken en deze toe te voegen aan een ‘Workspace’. In het ‘Customize User Interface’-dialoogvenster is er een apart gedeelte (‘Quick Access Toolbars’), waarin de gebruiker deze zelf aan kan maken.
Uiteraard zijn alle nieuwe mogelijkheden, die AutoCAD 2010 biedt, terug te vinden in het ‘New Features Workshop’-dialoogvenster, dat bij het opstarten van AutoCAD 2010 tevoorschijn komt en eventueel later ook nog terug is op te roepen via het Help-icoontje in de ‘InfoCenter Toolbar’ rechts bovenin beeld.
 Afbeelding 6. |
Samengevat zijn dit alle nieuwe zaken die direct opvallen in de gehele ‘User Interface’ van AutoCAD 2010 en die AutoCAD absoluut een heel stuk gebruikersvriendelijk maken. In het volgende deel komt de geheel nieuwe parametrische 2D-omgeving aan bod, waarmee er zelfs con-straints zijn aan te brengen, die ik zelf voor het eerst zag met de introductie van Genius 13 op AutoCAD 13.
| Nagenoeg alle in dit artikel genoemde eigenschappen van en mogelijkheden in AutoCAD 2009 gelden ook voor AutoCAD LT 2009 |
Jean-Pierre van Gastel jean-pierre.van.gastel@pollux.nl is freelance redacteur voor CAD-Magazine. Voor dit onderwerp zie ook: www.autodesk.nl.
.